Voedselzekerheid is een recht!

Er is sprake van voedselzekerheid, wanneer het grootste deel van de bevolking het jaar rond over voldoende basisvoedingsmiddelen van goede kwaliteit kan beschikken. Bagenda Balagizi van KBA-partner CAB (Anti Bwaki Comité) en JCC (Juste Cause Congo) in Zuid-Kivu, legt de nadruk op het recht op voedingsmiddelen, onder meer door de bevolking de toegang te verzekeren tot grond.

voedseliseenrecht-4In de dorpen en het land, is er sprake van voedselzekerheid wanneer gezinnen de mogelijkheid hebben permanent voldoende voedsel te produceren. Families die zelf niet verbouwen moeten over financiële inkomsten beschikken om het voedsel dat ze nodig hebben te kopen en de aangekochte voedingsmiddelen moeten grotendeels voortkomen uit plaatselijke productie.

De voedselzekerheid blijft dalen
In het oosten van de D.R. Congo, bevindt de bevolking van Zuid-Kivu zich in een situatie van voedselonzekerheid die verschillende kenmerken heeft:

• Bewerkbare gronden zijn zeldzaam.
Met bergachtige zones en een hoge bevolkingsdichtheid (meer dan 350 inwoners per km2) situeert het gemiddelde van de bewerkbare gronden per gezin in de Bushi zich tussen de 25 en de 30 aren. Boszones zijn moeilijk bereikbaar en worden bezet door gewapende bendes en uitgestrekte grondgebieden zijn eigendom van mijnmaatschappijen en grote uitbaters van de agro-industrie.

• De opbrengst van levensmiddelen vermindert.
Dit is te wijten aan overexploitatie van de gronden, precaire landbouwmethodes, erosie van de gronden, degeneratie van zaden en van het kweekvee, de zwakte van de omkaderende diensten en de afwezigheid van politieke steun aan de kleine uitbaters.

• De sociaal-politieke en economische context is ongunstig.
De huidige situatie wordt gekenmerkt door allerlei vormen van geweldpleging, plunderingen in de velden, hoeves en woningen, onveiligheid in de dorpen, de voortdurende verplaatsingen van de bevolking,... Ook moeten steekpenningen betaald worden aan militairen en andere staatsdiensten, terwijl de landbouwers van geen enkele politieke en administratieve steun of faciliteit kunnen genieten.


• Een aanpak die de voedselzekerheid niet ten goede komt.
Er zijn tussenkomsten die de bovenhand genomen hebben op de wil om te produceren.
De oorlogen, geweldplegingen en humanitaire rampen hebben sinds 1996 noodhulp gerechtvaardigd, zoals het op grote schaal uitdelen van levens- en andere middelen. Dit wordt georganiseerd door tientallen internationale en lokale agentschappen en organisaties. Het zijn lovenswaardige en nuttige acties, die verondersteld worden tijdelijk, plaatsgebonden en beperkt te zijn maar ze zijn permanent, doorlopend en heel gewoon geworden.
Ze hebben gezorgd voor nieuw gedrag, dat gemakzucht en parasitisme bevordert en een duurzame aanpak afzwakt. De grens tussen noodhulp en duurzame ontwikkeling werd overschreden. De interventies op het terrein zijn van missie veranderd, in functie van de financiering en de miljoenen uitgestrekte handen, die wachten op distributiecampagnes.

De teloorgang van de familiale landbouw
voedseliseenrecht-6Het verlaten van de landbouw is een pijnlijke werkelijkheid in een land waar meer dan 80 % van de bevolking op het platteland leeft en geen bezoldigde tewerkstellingen heeft. Het werk op het veld wordt aan de landbouwersvrouwen overgelaten. Gezonde mannen en jongeren verkiezen een leven in de mijnen (waar zij zo goed als niets verdienen) of in de rondtrekkende handel (waar zij wat ze bezitten verliezen aan de talrijke barrages van militairen en gewapende milities) of wijken uit naar de stad.
Omdat de gronden onvruchtbaar zijn geworden of weggespoeld door erosie, en de mensen zonder ervoor te moeten werken levensmiddelen kunnen krijgen bij de humanitaire bedeling, is de verkoop van terreinen een courante zaak geworden. Meer en meer families stellen hun gronden te koop om zich vervolgens in te stad te vestigen of te investeren in handelsactiviteiten zonder toekomst. De laatste jaren zijn er ook veel gevallen van bewoners die verdreven worden doordat hun terreinen in beslag worden genomen door multinationale mijn- en agro-industriële maatschappijen, met de steun van de lokale overheid.

"Wij hebben velden die zouden kunnen produceren wat men ons nu komt geven"
voedseliseenrecht-3Het is duidelijk dat er een staat van veralgemeende verarming en voedselonzekerheid ontstaat en dat de landbouwgronden bedreigd zijn. Met een grote bevolkinggroei (3,3 % per jaar) komen er steeds meer en meer monden voor minder en minder voedsel. De kloof tussen de demografie en de beschikbare voedingsmiddelen wordt elke dag groter en dat komt bovenop een voortdurende verlaging van het inkomen. De voedselafhankelijkheid van het buitenland, die de laatste tien jaren al merkbaar was, is nu structureel geworden. De lokale voedselproductie wordt vernietigd door taksen en steekpenningen aan ambtenaren en politie. Er is een gebrek aan politieke wil om de wet te doen naleven, terwijl het volume van ingevoerd voedsel elke dag toeneemt, ten gunste van een lakse en moordende reglementering.


Welnu, de bevolking heeft het recht om permanent te beschikken over voldoende, gevarieerd voedsel. Daarvoor moet zij land hebben om het te bewerken en beschikken over de andere noodzakelijke factoren om deze productief te maken. Het recht op voedsel mag in geen geval herleid worden tot het uitdelen van voedingsmiddelen. De landbouwers van Zuid-Kivu doen hierover hun beklag. Tijdens een vergadering van ajuinproducerende boeren in Makunda verklaarde Paul Munda: "... die mensen die ons maïsbloem en boontjes brengen doen ons een stap achteruit zetten... Sommigen onder ons denken dat zij uit de hongersnood kunnen geraken door zich te laten inschrijven op de lijsten van de uitdelingen, terwijl wij velden hebben die datzelfde voedsel kunnen produceren dat men ons nu komt geven... Waarom geven ze het geld, dat zij nu uitgeven om die levensmiddelen aan te kopen, niet aan ons met de vraag dit geld te gebruiken om die levensmiddelen hier te produceren ? Die mensen willen niet dat wij uit de miserie geraken, zij willen dat we afhankelijk van hen blijven".

Multinationals bezetten de grond van de landbouwers
voedseliseenrechtVoor de inwoners van de dorpen in Zuid-Kivu betekent het recht op voedsel, de mogelijkheid om dat voedsel te kunnen verbouwen of kopen met de eigen middelen, er op elk ogenblik te hebben en genoeg te produceren voor zichzelf of voor de markt om zo inkomsten te genereren en aan andere behoeftes te kunnen voldoen. Dat recht kan maar werkelijkheid worden als men beslist de dorpen en de steden werkelijk te doen leven. De dorpen worden meer en meer verlaten omdat ze niet langer de ideale levensvoorwaarden bieden. De overgebleven landbouwers bewerken de grond zonder enige garantie, want de toegang tot de eigendom is moeilijk, soms zelfs onmogelijk, omwille van de buitensporige kosten en de lange, ontmoedigende procedures. Deze onveiligheid van de eigendom speelt in het voordeel van de grootgrondbezitters en de internationale mijn- en landbouwondernemingen, die zich op elk ogenblik kunnen vestigen met titels en rechten, in naam van een wet volgens dewelke de grond en de ondergrond aan de staat behoren. Zo worden hele families gedwongen te verhuizen, weg van de gronden van hun voorouders die zij al generaties lang bewonen.



Mensen of gorilla's
?
voedseliseenrecht-5Voedselzekerheid en het recht op voeding en grond, zijn in de dorpen van de Bushi echte uitdagingen; de bevolking leeft er in een situatie van chronische hongersnood en van onrustwekkende afhankelijkheid van voedsel. Zones die een vijftiental jaren geleden de stad Bukavu nog bevoorraadden met maniok, maïs, sorgho... staan vandaag leeg. De mensen wachten op de marktdag om enkele grammen maniokbloem te kopen afkomstig uit Bukavu, in werkelijkheid ingevoerd uit Rwanda en Oeganda.
In deze overbevolkte streek, ten prooi aan intense grondconflicten, moet de toekenning van uitgestrekte gronden aan mijn- of landbouwexploitanten gestopt en verboden worden.
Er gaan ook meer en meer stemmen op om te protesteren tegen de unilaterale vergroting van de oppervlakte van het Kahuzi-Biega Park. Dat park werd in de jaren '70 door het regime van Mobutu opgericht en bevindt zich in een provincie waar een tekort is aan landbouwgronden. Er moeten natuurlijk groene ruimtes zijn, bossen, beschermde gebieden,... men moet het waard zijn om bij de 'wereldkampioenen' te behoren qua behoud van de biodiversiteit. Er moeten gebieden bewaard blijven die voortaan tot het 'wereldpatrimonium' behoren maar deze logica wordt niet begrepen door de lokale bevolking. Voor haar is het ondenkbaar dat haar geen enkele compensatie wordt geboden en dat er geen maatregelen worden genomen om de toekomst van hun kinderen te verzekeren. De landbouwers hebben nooit begrepen hoe men het leven van miljoenen mensen en de toekomst van kinderen kan opofferen ten voordele van enkele families gorilla's en olifanten, die overigens al uitgedund werden door de gewapende milities en de soldaten.
Volgens dezelfde logica, zouden gronden en concessies die lange tijd braak bleven liggen en die door hun eigenaars niet op rationele wijze uitgebaat worden, opnieuw moeten kunnen worden toegewezen.



Politieke wil om de lokale markt te beschermen

voedseliseenrecht-2Er zijn stimulerende maatregelen nodig. Deze zullen concreet gemaakt worden door het toepassen van de Landbouwwet, het publiceren van de toepassingsmaatregelen, de oprichting van een systeem van landbouwkrediet en het afschaffen van taksen en andere verplichtingen die de ontwikkeling van de landbouw en de veeteelt afremmen. Het is moeilijk te begrijpen dat planters en veetelers, die het al moeilijk hebben om een basisinkomen te verwerven, onderworpen worden aan het betalen van taksen en exploitatievergunningen waarvan de kosten soms hoger oplopen dan de geïnvesteerde kapitalen. Tenzij dit met de bedoeling is de lokale productie te ontmoedigen ten voordele van de invoer van levensmiddelen... Een veeteler met enkele tientallen runderen wordt door drie tot vier diensten lastiggevallen die van hem een betaling eisen: een jaarlijkse uitbatingsvergunning, een taks op de veeteelt, een belasting op het terrein..., vaak duizenden dollars. Zo'n uitbater kan niet anders dan meewerken met corrupte agenten want anders moet hij ermee stoppen en zijn runderen omzetten in kapitaal voor handel in oude rommel.
De procedures om eigendom te verwerven moeten versoepeld worden, toegankelijk gemaakt en vereenvoudigd. Dit kan door administratieve beslissingen van lokale gezagsdragers.
Een andere uitdaging van de productie van levensmiddelen is de markt, eerlijke prijzen. Zolang de productiekosten van de landbouwer hoog zijn in verhouding tot dezelfde ingevoerde producten op de lokale markten, zal er geen productie zijn en dus ook geen voedselzekerheid. De productiekosten zijn hoog op lokaal vlak omwille van de taksen, het gebrek aan inkomsten, de onveiligheid van wegen (of het niet bestaan ervan) en militaire en administratieve steekpenningen. Een voldoende, gevarieerde en verzekerde productie is mogelijk als de lokale markt beschermd wordt, als de invoer omkaderd wordt en de afzet van de lokale landbouwproducten georganiseerd wordt.
De invoer van levensmiddelen georganiseerd door humanitaire agentschappen moet stopgezet worden of toch zeker verminderd, ten gunste van lokale aankopen om zo de vermeerdering van de productie en geldcirculatie bij de landbouwers toe te laten.



De uitdagingen

Een dergelijke strategie houdt in dat er geïnvesteerd wordt in wegen, in landbouwcampagnes en in het veilig stellen van de producenten en hun productie. Het beveiligen van de productie veronderstelt ook het wegnemen van de door soldaten opgerichte posten, want dat zijn nu plaatsen van plundering. Er moet ook geïnvesteerd worden in vrede en veiligheid. Moesten de financiële middelen die sinds 1996 ingezet werden in wapens, onderhandelingen en humanitaire hulp geïnvesteerd zijn geweest in de strijd tegen de werkelijke oorzaken van de oorlogen, het buiten staat stellen van de krijgsheren om verdere schade te berokkenen en in duurzame ontwikkeling, dan zou de voedselzekerheid nu verder gestaan hebben.
Tenslotte, is er nog de uitdaging van het milieu en de klimaatverandering waarvoor een sterke tussenkomst van de openbare overheden onontbeerlijk is. De programma's voor herbebossing, en de inspanningen van lokale organisaties om het milieu te beschermen, moeten door de staat aangemoedigd en opgevoerd worden. De staat moet zich gedragen als de werkelijke eigenaar van de grond en van de ondergrond. Niet enkel wanneer het erop aankomt de gronden te verdelen, belastingen te heffen of de opbrengsten te innen maar ook als het gaat om de bescherming ervan en de rationele en duurzame uitbating, een waarborg voor de huidige en de toekomstige generaties.
Er zijn talrijke uitdagingen: ze zijn niet onoverkomelijk als er een goed bestuur is. Want wat er nog ontbreekt om het recht op voedsel en op grond voor allen stevig te verankeren, is een echt politiek leiderschap, dat verantwoordelijk, competent en altruïstisch is.


Patient Bagenda, algemeen secretaris van CAB (Anti Bwaki Comité), mei 2012, Bukavu.

Enkele projecten van KBA rond voedselzekerheid


Juste Cause Congo (JCC) - Bukavu (Sud-Kivu) : JCC is een organisatie die werkt rond burgerlijke vorming, die bestaat uit 22 ontwikkelingscomitees en verenigingen van vrouwen uit de dorpen, met een totaal van 3500 activisten. JCC streeft naar de oprichting van een democratische burgercultuur in Zuid-Kivu door middel van de ontplooiing van kritische zin en het ontstaan van een politiek leiderschap vanuit de basis. De organisatie publiceert stripverhalen die gebruikt worden als instrumenten voor animatie en sensibilisering. In het kader van dorpsconflicten werkt JCC samen met de traditionele dorpshoofden.